Ui (Allium cepa) is van nature een tweejarige plant. Het eerste jaar kenmerkt zich door bolvorming en vervolgens het strijken (afsterven) van het loof waarna het gewas in spruitrust gaat. Het 2e jaar komt de plant tot bloei. Voor de bedrijfsmatige teelt van uien geldt alleen het eerste jaar als productiejaar. De uienteelt kent aan de hand van het uitgangsmateriaal twee teeltwijzen; die van zaaiuien en die van plantuien. In Nederland bestaat ongeveer 75% van de teelt uit zaaiuien, en 25% van de teelt uit plantuien. De uienteelt kent een aantal kritische groeifases die zeer bepalend zijn voor de uiteindelijke opbrengst en kwaliteit en deze zullen hieronder worden toegelicht.

Kies een stadia voor meer kennis

Stadium 1 Teeltvoorbereiding
Stadium 1

Teeltvoorbereiding

Voor dit stadium heeft Soiltech geen specifieke producten.

Stadium 2 Zaaien/planten
Stadium 2

Zaaien/planten

Ui wordt bij voorkeur geteeld op lichte klei- en zavelgronden in een rijpadensysteem op bedden van 1,5 meter breed met 5 rijen per bed. Afhankelijk van de weersomstandigheden worden de uien omstreeks eind maart begin april gezaaid of geplant.

Bij kieming vormt de ui één primaire wortel, die in korte tijd vervangen wordt door meerdere fijne wortels die ontstaan vanuit de zogenaamde bolstoel. Het bewortelingspatroon van ui wordt gekenmerkt als ‘oppervlakkig en schaars’ tot hooguit 60 cm diepte, waarbij het overgrote deel van de wortels zich bevindt in de bovenste 15-20 cm.

Om de ontwikkeling van het jonge gewas te bevorderen zijn water en de beschikbaarheid van nutriënten van essentieel belang. Soiltech heeft voor deze belangrijke periode het product Root & Shoot ontwikkeld. De combinatie van meststoffen en groeibevorderaars stimuleert de wortelgroei, waarna ook de vegetatieve scheutgroei zal volgen.

Advies in dit stadium:

Aangieten - Root & Shoot: 1 x 10 l/ha of 2 x 7 l/ha (interval, van 14 dagen) - bij/direct na planten

Relevante producten

Stadium 3 Bladvorming
Stadium 3

Bladvorming

De stijging van de temperatuur in het voorjaar brengt de bladvorming op gang. De snelheid waarmee de plant nieuwe bladeren vormt, wordt naast de temperatuur ook bepaald door de plantdichtheid en de beschikbaarheid van water en nutriënten.

Voor optimale bladvorming is het zaak om de planten te stimuleren om zoveel mogelijk bladgroen (chlorofyl) aan te maken. Voldoende stikstof, magnesium, ijzer en mangaan stimuleren de chlorofylvorming. Door de beperkte beworteling van uien loont het om deze nutriënten extra aan te bieden door middel van een bladbespuiting. De bladmeststoffen range van Soiltech met organisch gecomplexeerde elementen biedt hier uitkomst:

Advies in dit stadium:

Bladtoepassing - Triple Ten (NPK): 4 liter/ha
Bladtoepassing - Nutri-Key Manganese Shuttle: 1,5 liter/ha
Bladtoepassing - Nutri-Key Magnesium Shuttle: 1,5 liter/ha

Bladtoepassing – Nutri-Key Iron Shuttle: 1,5 l/ha

Relevante producten

Stadium 4 Bolvorming
Stadium 4

Bolvorming

Zodra de fase van bolvorming wordt ingezet stopt de uienplant met het aanmaken van nieuwe bladeren. Dit is het moment waarop de bladeren een bladschede beginnen te vormen, die dienst doet als opslagorgaan. De bolvorming wordt gestimuleerd door:

  • De daglengte; elk ras heeft een specifieke minimum daglengte. Voor West-Europese uien-rassen ligt dit meestal rond de 16 uur, wat bereikt wordt omstreeks half mei.
  • De temperatuur; hoe hoger de temperatuur des te sneller de bolvorming op gang komt.
  • Goede beschikbaarheid van nutriënten en water

Omdat er tijdens de bolvorming veel veranderingen plaatsvinden in de groei is het aan te bevelen om het gewas te voorzien van extra spoorelementen. Soiltechs bladmeststof Nutri-Key Shuttle-Seven bevat naast ijzer, mangaan, zink, koper, borium, molybdeen en kobalt ook organische componenten die de verdere groei stimuleren.

Advies in dit stadium:

Bladtoepassing

- Nutri-Key Shuttle Seven: 1,5 liter/ha

Relevante producten

Stadium 5 Bolling
Stadium 5

Bolling

Wanneer de bladeren uitontwikkeld zijn worden er steeds meer suikers en voedingsstoffen getransporteerd naar de bol waardoor deze opzwelt. In dit stadium heeft de ui een zeer grote behoefte aan kalium (K). Kalium speelt een essentiële rol in de verplaatsing van suikers en voedingsstoffen met de sapstroom. Een bladbespuiting met kalium tijdens de bolling van de ui is belangrijk, want planten zijn alleen in staat om kalium op te nemen vanuit het bodemvocht. Een veelvoorkomend probleem is dat bij te natte omstandigheden gedurende de teelt kalium relatief makkelijk uitspoelt (dit is met name het geval op zandgronden). Onder droge omstandigheden neemt het bodemvocht, en daarmee de beschikbaarheid van kalium voor het gewas, snel af. Wanneer er tijdens de bolling een kaliumgebrek optreedt heeft dit dus direct een nadelig effect op de hoeveelheid en kwaliteit van de te oogsten producten.

Soiltech heeft speciaal voor tijdens de bolvulling het product Optima Leaf-K, bestaande uit organisch gecomplexeerd kalium, ontwikkeld. In tegenstelling tot andere kalium bladmeststoffen heeft Optima Leaf-K een lage EC, een neutrale pH en is het goed mengbaar met andere middelen in de tank.

Advies in dit stadium:

Bladbespuiting - Optima Leaf-K: 5 liter/ha, 3 x toepassen

Relevante producten

Stadium 6 Strijken
Stadium 6

Strijken

Naarmate de bolvulling en verplaatsing van suikers en voedingsstoffen vordert wordt het gewas rond de hals steeds zwakker. Dit leidt ertoe dat het gewas het loof laat hangen, hiervoor wordt de term ‘strijken’ gebruikt. Het is een overduidelijk teken van afrijping, en afsterving van het loof. De weersomstandigheden (wind, temperatuur), ziektedruk en de beschikbaarheid van water en nutriënten bepalen tezamen wanneer het gewas oogstrijp is.

Voor dit stadium heeft Soiltech geen specifieke producten.

Specifieke testresultaten ontvangen? Aanvraag testresultaten